Het buikgevoel bestaat echt!

14 februari 2018
Love it!

Wees lief voor je darmen en darmbacteriën. Deel 1

‘Je bent slim!’ is een van de mooiste complimenten die je iemand kunt geven. Alles wat met ‘de hersenen’ te maken heeft, wordt immers hoog aangeschreven. Het buikgevoel daarentegen, daar kijken we op neer. Zeker als we bedenken dat het buikgevoel zich afspeelt in onze darmen. Alleen al het woord ‘darmen’ geeft velen een ongemakkelijk gevoel. Toch breng ik het graag ter sprake in een intellectueel gezelschap waar ‘de menselijke intelligentie’ als het hoogste goed wordt bezongen. ‘Ik voel vooral veel!’ durf ik dan wel eens tegenwerpen. Dan krijg ik meestal meewarige blikken toegeworpen. Toch denk ik dat veel van onze problemen gemakkelijker opgelost zouden kunnen worden als mensen wat meer zouden voelen. Want de mens is meer dan alleen maar een ‘brein’.

Tot de meest opwindende onderzoeksterreinen van de huidige biologie behoren de darmen. Zowat elke emotie is voelbaar in je buik: vlinders in je buik, een knoop in je maag ... Deze sensaties kunnen we effectief voelen doordat onze darmen beschikken over een netwerk van neuronen. Omdat dat netwerk zo uitgebreid is en onafhankelijk van onze hersenen kan werken, geven sommige wetenschappers onze darmen zelfs de bijnaam ‘ons tweede brein’.1

Het zenuwstelsel van de darmen is uitgerust met eigen reflexen en zintuigen en is daarmee het grootste sensorische orgaan van ons lichaam. Het darmzenuwstelstel werkt volledig zelfstandig en wordt niet gestuurd vanuit de hersenen. Volgens de Amerikaanse darmspecialist Michael Gershon – pionier op dat gebied en auteur van het boek 'The Second Brain1'– wordt een groot deel van onze emoties beïnvloed door de zenuwen in onze darmen. Hij toonde aan dat de informatielijn van de darmen naar de hersenen minstens even belangrijk is als die van de hersenen naar de darmen.
Nieuwe studies focussen zich nu vooral op onze darmflora. Maar liefst honderd triljoen micro-organismen leven op en vooral in ons. Elk van ons draagt ongeveer anderhalve kilo bacteriën met zich mee, te vergelijken met het gewicht van onze hersenen. In ons lichaam hebben we tien keer meer cellen van bacteriën dan eigen menselijke cellen, we hebben honderd keer meer genen van bacteriën dan eigen menselijke genen. Of om het met de woorden van onderzoeker Jeroen Raes te zeggen: ‘We zijn eerder een wandelende kolonie bacteriën, dan dat we mens zijn.’

Voor onze geboorte zijn we nog microbevrij, maar als we eenmaal door het geboortekanaal komen, nemen we de bacteriën op van onze moeder. Die zijn heel belangrijk voor de microbemassa die we aanleggen, hier wordt als het ware de basis gevormd. De daarop volgende jaren zijn cruciaal. We nemen voortdurend bacteriën op door contact met onze omgeving. Of we opgroeien in de stad of op het platteland, welk soort voedsel we eten, de handen die we schudden, de mensen met wie we samenleven, de contacten die we hebben tijdens onze buitenlandse reizen ... Al die invloeden bepalen ons bacteriënbestand, wat men tegenwoordig het microbiota noemt, het geheel aan microben dat op en in ons leeft.

Vroeger dacht men dat bacteriën alleen problemen veroorzaakten en dus bestreden moesten worden, maar nu groeit het besef dat de meeste bacteriën onschuldig zijn – meer nog, dat ze een sleutelrol spelen voor onze gezondheid. Ze helpen ons bij allerlei taken die we zonder hen niet kunnen uitvoeren. Bacteriën trainen ons immuunsysteem, beschermen ons tegen andere ziekmakende bacteriën, tegen schimmels en virussen, breken toxinen af, helpen ons om onverteerbaar voedsel te verwerken, leveren energie aan onze darmen en produceren vitaminen en andere stoffen die ons lichaam nodig heeft om goed te kunnen functioneren.

‘Als professor ben ik altijd sceptisch, maar ik geloof dat onze darmbacteriën invloed uitoefenen op wat er zich afspeelt in onze hersenen’, aldus dr. Emeran Mayer 2.


Mayer vergeleek de hersenstructuur van vrijwilligers met hun type darmbacteriën om zo de verbanden te kunnen aantonen.
Er valt inderdaad nog veel te ontdekken, maar het leidt geen twijfel dat er wel degelijk een connectie bestaat tussen onze voeding, de bacteriën in onze darmen, onze darmen zelf en onze hersenen. Uit alle onderzoeken komt naar voren dat er een verband is tussen een verstoorde darmflora en bepaalde ziekten: obesitas, diabetes, sommige kankers, ziekte van Crohn, coeliakie, astma, autisme ... We hebben er dus alle belang bij om onze darmflora gezond te houden. Iemand met een uitgebreid bestand aan goede bacteriën is beter beschermd tegen allerlei ziekten. Biodiversiteit is dus niet alleen belangrijk in de grote buitenwereld, maar ook in je darmen.

HOE KUNNEN WE ZORG DRAGEN VOOR ONZE DARMFLORA?

Wetenschappers dringen er in de eerste plaats op aan om voorzichtig om te springen met antibiotica, omdat deze ook de goede bacteriën doden. Ook voeding speelt een belangrijke rol en beïnvloedt de darmbacteriën. We kunnen de diversiteit van ons microbioom stimuleren door gevarieerde en vooral natuurlijke, onbewerkte en vezelrijke voeding te eten. Dat soort voeding is miljoenen jaren mee geëvolueerd, samen met de bacteriën in onze buik.

Welke voeding ideaal is voor een gezonde darmflora? Dat lees je hier!

1 Michael Gershon, hoofd van het Department of Anatomy and Cell Biology van het New York Presbyterian Hospital/Columbia University Medical Center, is een expert op het vlak van neuro-gastro-enterologie en auteur van het boek The Second Brain (HarperCollins, 1998).

2 Dr. Emeran Mayer is professor geneeskunde en psychiatrie aan de University of California in Los Angeles.

Meer info: Puur Eten 2

"Er valt inderdaad nog veel te ontdekken, maar het leidt geen twijfel dat er wel degelijk een connectie bestaat tussen onze voeding, de bacteriën in onze darmen, onze darmen zelf en onze hersenen."